woensdag 17 september 2008

Journalisten

Vanochtend werd ik verrast door een column op de website van de Wereldomroep en in de ochtendkrant, het Antilliaanse Dagblad, waarin melding is gemaakt van de verkiezing 'Journalist van het Jaar'. In een eerdere post heb ik hier al over geschreven.

De dagen na de uitverkiezing heb ik veel reacties gekregen. zowel vanuit Nederland als hier op de Antillen. Die felicitaties zijn nog leuker dan de prijs zelf. En hoewel er wel wat opgemerkt kan worden over de plaats van deze prijs in de Curaçaose maatschappij en de ondoorzichtige manier waarop de prijzen worden toegekend, ben ik toch heel trots.

Een aantal politici heeft me gefeliciteerd en gezegd dat ze nu nog voorzichter zullen zijn. Kijk, dat is het grootste compliment! Wat tegenvalt is de reacties van collegae. Van Radio Hoyer bijvoorbeeld, heb ik - op Rick Hart na - niets gehoord: dat Helen (de directeur van Hoyer aan wie ik de prijs heb opgedragen) niet belt, valt nog wel te begrijpen. Maar dat mijn redactie niets heeft laten horen, valt me erg tegen!
Helemaal lachwekkend is de berichtgeving van de overige schrijvende pers. Bijna zonder uitzondering heeft men alleen over de eigen winnaars geschreven, waarbij Amigoe de kroon spande door te vermelden dat de vorige winnaar een journalist uit eigen gelederen was (en niet opnoemen wie het dit jaar is geworden....).

Afijn. Eén collega had dat in de gaten en schreef de volgende column:

door Jeroen Jansen

Ik heb me er de afgelopen drie jaar vaak schuldig aan gemaakt: afgeven op lokale radio en tv. Het was vaak slecht of niet gemonteerd, de thema's minimalistisch en de ego's veel te groot. Natuurlijk kijk en luister ik wel, maar dan ook écht alleen maar omdat het hoort: je moet immers wat meekrijgen van wat dit eiland bezig houdt. Maar leuk wordt het zelden.


Heel soms wordt mijn ongelijk bewezen, dan is er plotseling wél iets leuks op tv. Die momenten moet je koesteren en daarom deel ik graag zo'n moment met u. Dat moment vond anderhalve week geleden plaats en ik sidder nog steeds na. En dan heb ik het natuurlijk over de uitreiking van de jaarlijkse journalistiekprijzen. Het vakverbond Prensa Uní is verantwoordelijk voor dit feest, het ITC was uiteraard de enige juiste plek voor dit jaarlijkse hoogtepunt onder vakbroeders.

Wazig
Het feest werd uitgezonden op de zender TV11. Ik weet niet of het aan mijn tv ligt, of dat ik echt aan een andere bril moet maar het beeld van die zender is altijd wazig. En was het tóch scherp geweest dan had ik nog steeds alleen maar een podium gezien, afwezige speeches en prijsuitreiker Ron Gomes Casseres die er steeds minder in slaagde om zijn zelfmedelijden weg te grijnzen. Ik snap ‘m wel hoor: journalisten op Curaçao prijzen uitreiken, dat doe je niet voor je plezier.

Genant
Er is namelijk helemaal geen reden tot feest. Want waar dit land op alle vlakken probeert mee te gaan in de vaart der volkeren, daar blijft de pers steken op het niveau van de jaren zeventig. Het gros van de kranten aapt elkaar genant na en komt daar ook nog eens mee weg. Onlangs verscheen er een nieuwe krant (nog één) op de markt en ook daar speelt men het weer klaar om met napraterij en nare plaatjes tot dezelfde ordinaire brij te komen. En toch ligt ook die krant weer bij heel veel mensen op het dashboard. Kwantiteit over kwaliteit: ik volg het niet meer.

En dat vieren we dus in het ITC. We doen net alsof er weer fantastische prestaties geleverd worden. En we laten ons weer eens uitgebreid fêteren door het lokale bedrijfsleven. Niet alleen op zo'n avond hoor, nee, we snacken ons een weg door ‘meet the press' bijeenkomsten, we gaan vrolijk jaarlijks het schip in en na een jaar lang ‘copy-pasten' staat er zelfs een massagetafel voor ons klaar. En dat heeft natuurlijk helemaal geen effect op de objectieve berichtgeving over al die bedrijven die onze journalisten een warm hart toedragen. Chapeau!

Vreugdesprongetje
En toch was de jaarlijkse zelfbevlekking in het ITC reden voor een klein vreugdesprongetje. Want tussen de prijzen voor al die inhoudsloze drukdoeners en luie plaatjesmakers zat zowaar een terechte uitverkiezing. Radiomaker Dick Drayer werd namelijk uitverkozen tot journalist van het jaar. Kijk, en dat is dus wél terecht. Eindelijk een journalist die hoor en wederhoor toepast, eindelijk een journalist die niet bang is om door te vragen, of om géén vriendjes te maken. En die als gevolg daarvan na zeven maanden al weer op zoek moest naar een andere werkgever en wiens prijs door driekwart van de kranten werd doodgezwegen. Fanatieke drammers zoals Drayer die compromisloos de problemen in onze samenleving blootleggen: het is helemaal niet gezellig des Curaçaos en toch wens ik ze ons toe. Volgend jaar graag méér van die types

1 opmerking:

Dorien zei

Gefeliciteerd, Dick!